Gunstige nieuwe regels vennootschapsbelasting
2010 staat in het teken van het opvangen van de gevolgen van de economische crisis. Hierdoor ziet het kabinet zich genoodzaakt om wettelijke hervormingen door te voeren. Dit zijn vaak financieel gunstige regels voor ondernemers.
Dit jaar mag u, dankzij alle wetswijzigingen, onder meer rekenen op een totale lastenreductie van 380 miljoen euro. Ondernemen Juist nu! besteedt de komende weken telkens aandacht aan één van de onderwerpen waar de wetswijzigingen betrekking op hebben. Deze week: het bevorderen van ondernemerschap voor ondernemers die vennootschapsbelasting betalen (VPB-ondernemers). Hieronder valt onder meer de verruiming van de verliesrekening en…
De fiscale plannen voor VPB-ondernemers in 2010 worden hieronder toegelicht:
1. Verruiming verliesverrekening
De achterwaartse verliesverrekening – de carry-back – wordt tijdelijk verruimd. Voorgesteld wordt om de achterwaartse verliesverrekening voor de belastingjaren 2009 en 2010 weer op drie jaar te stellen, de termijn zoals die tot 2007 van toepassing was. Een verlies uit 2009 kan dan verrekend worden met winsten uit 2006, 2007 en 2008, een verlies uit 2010 met winsten uit 2007, 2008 en 2009. De verruimde carry-back wordt op verzoek verleend.
Keerzijde van de medaille is dat de verruimde carry-back ten koste gaat van de voorwaartse verliesverrekening. Bij een carry-backtermijn van drie jaar wordt de termijn van de voorwaartse verliesverrekening ingekort tot zes jaren. Voor de extra carry-back geldt een plafond van € 10 miljoen verlies per jaar.
2. Versoepeling regime deelnemingsvrijstelling
De deelnemingsvrijstelling is per 1 januari 2007 ingrijpend herzien. Sinds 2007 is de deelnemingsvrijstelling niet van toepassing als de dochtervennootschap kwalificeert als een zogenaamde laagbelaste beleggingsdeelneming. Dit is het geval als de dochtervennootschap in het land van vestiging is onderworpen aan een belasting van minder dan 10% én haar bezittingen voor meer dan 50% bestaan uit vrije beleggingen. Beide criteria zijn complex geregeld, waardoor in concrete situaties bijna zelden zekerheid kan worden gegeven of de deelnemingsvrijstelling van toepassing is.
Het kabinet stelt voor om de voorwaarden voor de laagbelaste beleggingsdeelneming belangrijk te versoepelen. Kern van deze versoepelde regeling is dat er een oogmerktoets wordt ingevoerd: er is geen sprake van een laagbelaste beleggingsdeelneming als de moedervennootschap de aandelen in de dochtervennootschap niet als belegging houdt. Doel van de versoepelingen is dat straks vaker dan nu de deelnemingsvrijstelling van toepassing zal zijn op een belang van ten minste 5% in de buitenlandse dochtervennootschap. Dat is goed nieuws voor het Nederlandse bedrijfsleven dat investeert in buitenlandse dochtervennootschappen.
3. Van octrooibox naar innovatiebox
De vennootschapsbelasting kent een bijzonder regime voor opbrengsten uit octrooien, patenten, en dergelijke, en uit immateriële activa die opkomen uit speur- en ontwikkelingswerk (S&O-werk) waarvoor een S&O-verklaring is afgegeven. Deze opbrengsten worden belast tegen 10%. De regeling is ingewikkeld opgezet met allerlei beperkende voorwaarden, plafonds, bedoeld om de octrooibox financieel beheersbaar te houden. Zo geldt een plafond van viermaal de voortbrengingskosten en daarnaast voor de zgn. S&O-activa een absoluut maximum van € 400.000.
Het kabinet stelt voor om deze octrooibox een ruimer bereik te geven. Het tarief wordt verlaagd naar 5% en de plafonds worden geschrapt. Hierdoor wordt de octrooibox – die zal worden omgedoopt tot innovatiebox – met name aantrekkelijker voor software en bedrijfsgeheimen, die óf niet octrooieerbaar zijn óf bedrijven vanwege de gevoelige bedrijfsinformatie niet laten octrooieren. In de nieuwe regeling wordt vastgelegd dat het tarief van 5% uitsluitend geldt voor de positieve voordelen . Daardoor kunnen verliezen uit de innovatiebox volledig tegen het gewone VPB-tarief van 25,5% in aanmerking worden genomen.
4. Vereenvoudiging verpakkingenbelasting
De drempel voor de belastingplicht voor de verpakkingenbelasting wordt verhoogd van 15.000 kilo naar 50.000 kilo. Dat betekent dat bedrijven die minder dan 50.000 kilo verpakking in het economisch verkeer brengen vanaf 2010 niet meer belastingplichtig zijn voor de verpakkingenbelasting. Deze versoepeling wordt gecompenseerd in de tarieven: die gaan met ruim 8% stijgen.
Bron: www.fiscalistenonline.nl
