Laat je niet gek maken!
Kwantiteit, ik schreef het al eerder, is niet bepaald een bewijs voor de kwaliteit van de inhoud. Lees er de analyses en voorspellingen van de vele ballonnen blazende journalisten, bloggers en experts maar op na. Zij wijzen er in groten getale op dat het licht aan het einde van de tunnel in feite de koplamp is van een aanstormende trein. Laat je daar echter niet gek door maken.
Zo’n ballon is met enige moeite goed door te prikken. Een voorbeeld: oktober 2008 verscheen op managersonline.nl een (anonieme) bijdrage met als titel ‘Motivatie is ver te zoeken dankzij crisis’. Titel én inhoud stellen dat we met z’n allen grote problemen hebben. En de manager mag dit oplossen. Maar mogen we de conclusie van het artikel zo maar overnemen?
Nou… nee. Die bewering is namelijk afgeleid uit een studie van het Amerikaanse Center for Work-Life Policy. Die studie was in de VS uitgevoerd. Ondervraagd werden (ex-)topmanagers uit de financiële sector. In het artikel op die Nederlandse site wordt daarover met geen woord gerept. De enige indruk die je na globale lezing overhoudt, is dat we nú een crisisteam moeten samenstellen om ons bedrijf van de afgrond te redden.
Recht en plicht
In het pre-internet tijdperk zou een journalist die zo met de feiten omsprong, gestraft worden met tien jaar lokale sportverslaggeving. Onder toezicht! Kijk – ik vind het prachtig dat iedereen het recht heeft de rest van de wereld met zijn pennenvruchten te bestoken. Maar daar komen ook plichten bij kijken. Zoals The Financial Times liet zien toen die het artikel bracht zoals het hoorde, dus inclusief de context (en citaten van enkele knarsetandende bankiers).
Nu ik toch bezig ben: emarketeer.com meldde dat er voor het eerst in jaren weer minder welgestelde huishoudens waren in de VS. Maar als je beter kijkt, zie je dat het er nog steeds ruim tweemaal zo veel waren als in 2003. Uit onderzoek van MacIntyre Hudson zou blijken dat er in 2008 veel meer bedrijven te maken hebben met moeilijker handelscondities en dat tachtig procent zich zorgen maakt over de toekomst. De oorzaak hiervan? Het door de media geschetste doemscenario. De werkelijkheid was wat anders. Een kwart van de bedrijven deed het beter dan een jaar eerder en twintig procent zag geen verandering. Desalniettemin liet men zich dus leiden door ongefundeerde angst en paniek. En die staan het vertrouwen en de uitgavenbereidheid in de weg.
Dip-ervaring
Dat vraagt om relativeringsvermogen. Het helpt daarbij als u al eerder een economische dip heeft meegemaakt. Ikzelf ben inmiddels aan mijn zesde toe. Begin jaren ’90, bij dip nummer vier, kwam ik er eens zonder kleerscheuren van af. In 2002 was dat anders, want het aantal lezingen en presentaties nam sterk af. Althans, totdat ik het boek ‘Hoera, een recessie!’ schreef. Dat leverde weer véél meer lezingen op dan ik had verloren. Maar ook voordien had ik me niet gek laten maken.
Met ups en downs heeft u natuurlijk ook te maken gehad. Het is dan van belang te weten hoe het uw organisatie tijdens de vorige dips verging. Onderzoek de impact van recessie en dergelijke, breng de successen van destijds in kaart, analyseer de factoren die nu anders zijn en pas uw acties aan. Dat helpt u vooruit, ook in dip nummer tig.
Ergste vijand
En dan nog één ernstige waarschuwing: pas op voor uw ergste vijand. Die zit binnen uw eigen organisatie, gelooft niet in het succes ervan of van uw producten en diensten en ziet geen enkel nut in nauwe samenwerking met de klant. Elk sprankelend initiatief waar zij fel op tegen zijn, proberen zij in tijden van crisis de kop in te drukken. Dat is dodelijk! Want om het vertrouwen in uw organisatie levend te houden, heeft u binnen uw bedrijf verfrissende smaakmakers nodig. Hun optimisme is uw brandstof in moeilijke tijden.






