Vereenvoudiging is toch niet zo eenvoudig
Mijn vorige bijdrage stond geheel in het teken van de nieuwe werkkostenregeling die de paarse krokodil versloeg. Helaas moet ik nu, een maand later, constateren dat de paarse krokodil nog niet is verslagen.
Sterker: hij is zelfs aan de winnende hand. Want nog voordat het wetsvoorstel in de Tweede Kamer was behandeld, had staatssecretaris De Jager de regeling al op een aantal punten gewijzigd.
Laat ik eerst uw geheugen opfrissen. De werkkostenregeling vervangt op 1 januari 2011 het huidige systeem van vrije vergoedingen en verstrekkingen. Elke werkgever krijgt een collectief budget van 1,5 procent van zijn fiscale loonsom (het algemeen forfait). Dat kan hij besteden aan alle vrije vergoedingen en verstrekkingen.
Daardoor komt voor een grote groep vergoedingen en verstrekkingen nadere normeringen en beperkingen te vervallen. Daarnaast is nog maar een beperkt aantal vrije vergoedingen en verstrekkingen gericht vrijgesteld, zoals zakelijke reis- en verblijfkosten, scholingsuitgaven en vergoedingen voor extraterritoriale kosten (de 30 procent-regeling). De gerichte vrijstellingen zijn een voortzetting van de geldende regelingen. Om het zakelijk karakter vast te kunnen stellen, blijven de huidige voorwaarden in stand. Bij overschrijding van het algemeen forfait wordt het surplus via eindheffing bij de werkgever belast tegen een eindheffingstarief van 80 procent.
Kritiek
MKB-Nederland en VNO-NCW kwamen meteen met forse kritiek op het oorspronkelijke voorstel van de werkkostenregeling. Zo zou de nieuwe regeling, in plaats van een lastenverlichting, voor ondernemers juist een lastenverzwaring met zich meebrengen. De staatssecretaris gaf meteen gehoor aan deze kritiek. Hij wijzigde de regeling nog voordat het wetsvoorstel in de Tweede kamer was behandeld. Daarmee wordt de beoogde vereenvoudiging weer voor een groot deel om zeep geholpen.
Kiezen
In het nieuwe voorstel krijgen werkgevers voor 2011, 2012 en 2013 de mogelijkheid om jaarlijks te kiezen voor het huidige systeem van vergoedingen en verstrekkingen in plaats van de nieuwe werkkostenregeling. Dit geeft werkgevers meer tijd om de noodzakelijke aanpassingen in de arbeidsvoorwaarden aan te brengen en daarmee een soepeler overgang te creëren naar het nieuwe systeem. In die overgangsfase van drie jaar wordt de werkkostenregeling steeds geëvalueerd. De keuze van het wel of niet toepassen ervan moet telkens aan het beging van het kalenderjaar worden gemaakt. Het maakt daarbij niet uit wat de keuze van het vorige jaar was.
Van stal
Om het keuzeregime te financieren, wordt een oude regeling van stal gehaald. Voor personeelsfeesten en dergelijke komt namelijk het oude plafond terug van € 454 (per werknemer per jaar) voor werkgevers die gebruik blijven maken van het huidige systeem. Dit plafond was in 2007 nu juist afgeschaft om het regime van vrije vergoedingen en verstrekkingen te versimpelen!
Verlaging
De gerichte vrijstellingen worden verder uitgebreid; dus meer uitzonderingen. Zo komen er ook gerichte vrijstellingen voor outplacementkosten, het rentevoordeel van de door de werkgever verstrekte hypothecaire leningen en alle verhuiskosten. De reden hiervan is dat dit doorgaans hoge bedragen zijn die relatief weinig voorkomen, zodat bij onderbrenging in het forfait bedrijven die deze kosten maken onevenredig geraakt zouden worden. Het forfait wordt in verband hiermee verlaagd van 1,5 naar 1,4 procent.
Nihilwaardering
Inmiddels is ook bekend geworden hoe consumpties tijdens werktijd en werkkleding gewaardeerd moeten worden. Deze vergoedingen en verstrekkingen vallen onder het forfait, maar worden op nihil gewaardeerd. Dit geldt ook voor bijvoorbeeld het zakelijk gebruik van mobiele telefoons, laptops en arbo-voorzieningen. Deze posten gaan dus niet ten koste van de forfaitaire ruimte.
Vereenvoudiging?
Samenvattend kunt u in de nieuwe werkkostenregeling dus te maken krijgen met:
- posten die onder het algemeen forfait vallen;
- posten die onder het algemeen forfait vallen, maar die vanwege nihilwaardering niet ten koste gaan van de forfaitaire ruimte;
- posten die onder de gerichte vrijstellingen vallen.
Verder geldt er voor de dienstwoning een individuele heffing bij de werknemer en blijft voor de (bestel)auto van de zaak de huidige wettelijke regeling intact. Representatiekosten en relatiegeschenken voor externe relaties en klanten vallen onder de intermediaire kosten.
Terug bij af
Begrijpt u het nog? Is dit de vereenvoudiging die u wenste? Ik denk dat we weer terug bij af zijn. Door alle uitzonderingen blijft er van de beoogde vereenvoudiging van het systeem van vergoedingen en verstrekkingen niet zo veel meer over. Bovendien verwacht ik dat er de komende jaren nog meer uitzonderingen bij zullen komen. Ten slotte adviseer ik u in 2010 te bekijken wat voor u en voor uw medewerkers het voordeligst is: de 1,4 procent-werkkostenregeling of de huidige methodiek van vrije vergoedingen en verstrekkingen.






